
Werkgroep Samen voor Warmte - Buitenpost
Blijf op de hoogte van de werkgroepactiviteiten
Wilt u weten waar de werkgroep Samen voor Warmte - Buitenpost mee bezig is? Op deze pagina vindt u updates over de bijeenkomsten, inzichten uit de werksessies en de stappen die we samen zetten richting een uitvoeringsstrategie voor een aardgasvrij Buitenpost. Zo blijft u eenvoudig betrokken bij de voortgang en resultaten.
Van analyse naar uitvoeringsstrategie
De werkgroep bestaat uit betrokken inwoners en lokale partners die samen met de gemeente een uitvoeringsplan voor Buitenpost opstellen. In zes werksessies wordt eerst de huidige situatie in kaart gebracht, zoals energievoorziening, woningvoorraad, isolatiegraad en lopende initiatieven. Daarna worden kansrijke individuele en collectieve oplossingen verkend. Vervolgens bepaalt de werkgroep welke stakeholders nodig zijn, hoe draagvlak wordt georganiseerd en welke warmtetechnieken technisch en financieel passen. Dit leidt tot een gezamenlijke visie, randvoorwaarden en een eerste routekaart richting aardgasvrij, uitgewerkt in concrete maatregelen en een uitvoeringsstrategie.
Fases
Werkgroepbijeenkomst 3
Werkgroepbijeenkomst 3: Technische en financiële haalbaarheid
Tijdens werkgroepbijeenkomst 3 stond de technische en financiële haalbaarheid van alternatieven voor aardgas centraal. We bespraken de belangrijkste warmtetechnieken voor Buitenpost, zoals (hybride) warmtepompen, lage- en hoge-temperatuur warmtenetten, en opties als groen gas en het benutten van restwarmte. Ook is gekeken naar de kosten: zowel eindgebruikerskosten (o.a. isolatie, installatie, aanpassingen in huis, energieverbruik en onderhoud) als maatschappelijke kosten (o.a. infrastructuur/netverzwaring, financieringslasten en risico’s bij lage aansluitdichtheid).
Op basis van inzichten uit landelijke analyses werd besproken dat een hoog-temperatuur warmtenet voor Buitenpost waarschijnlijk minder kansrijk is qua kosten, en dat all-electric (warmtepomp) en mogelijk een kleinschalige collectieve LT-oplossing meer voor de hand liggen; groen gas is een mogelijk alternatief maar met onzekerheden voor de toekomst. Daarnaast is specifiek gekeken naar lokale kansen, zoals de mogelijke beschikbaarheid van extra restwarmte (o.a. vanuit Enitor) en de behoefte aan vervolgonderzoek hierop.
Tot slot inventariseerden we gezamenlijk de voor- en nadelen van de meest kansrijke opties en spraken we af dat het uitvoeringsplan straks ook duidelijk maakt welke alternatieven zijn afgevallen en waarom.
